15 oktober 2007

Groene archieven

Zojuist een interessante bijdrage gelezen op livre.nl van de hand van Geert-Jan van Bussel getiteld: 'Digitale opslag lijkt goedkoop, maar is het niet'.
Wij zijn op dit moment bezig om onze ICT-infrastructuur aan te besteden vandaar dat deze titel mijn aandacht trok.
Hij heeft gelijk!
Prijsoverwegingen zijn weliswaar belangrijk, maar milieuoverwegingen spelen geen enkele rol bij het maken van keuzes op het gebied van ICT. Er bestaat een sterke tendens om te denken dat het vernietigen van (toekomstige) digitale archiefbestanden eigenlijk niet meer nodig is, omdat de opslagcapaciteit van harde schijven alsmaar groter wordt en bovendien steeds goedkoper!
Maar het in stand houden van die servers met hun harde schijven legt wel een steeds groter beslag op de energieproduktie. Google bouwt zijn nieuwe datacenter vlak naast een waterkrachtcentrale ergens in the Dalles, Oregon omdat de energieprijs daar beduidend lager is vanwege de te verwaarlozen transportkosten. Al die servers waarmee Google ons van dienst is slurpen heel wat Kwh weg.
Van Bussel betoogt dan ook dat er op het gebied van ICT nog heel veel te winnen is door slim te kiezen voor oplossingen die veel minder energie kosten. D.w.z. aandacht schenken aan het zgn. green computing.
Dat is belangrijk binnen je eigen werkomgeving, maar ook van belang voor de serviceproviders die jouw opslagcapaciteit leveren. Het aardigste in het verhaal blijft voor mij als archivaris het belang van weggooien, vernietiging van bestanden die van geen belang meer zijn. Kennen we niet allemaal de harde schijf op onze computer die vol staat met een heleboel bestanden waarvan we vaak niet meer weten wat er in zit, applicaties die we eens geprobeerd hebben, maar nooit meer gebruiken etc.
En we weten ook dat een volle harde schijf de performance van de pc of laptop ernstig aantast. Kortom, er zijn al een heleboel praktische redenen om slim om te gaan met opslag van documenten en bestanden. Maar het is ook nog eens kostenbesparend en milieuvriendelijk!

Verplicht leesvoer lijkt me.

29 september 2007

Vruchtbaar archief

In de National Archives in London werden onlangs in een leren portefeuille zaden teruggevonden die de Nederlandse koopman Jan Teerlink had meegenomen van zijn reis uit Afrika in het begin van de negentiende eeuw. Zijn schip werd door de Britse marine veroverd waardoor de portefeuille in handen kwam van de Britten. De portefeuille werd echter onlangs ontdekt door een opmerkzame bezoeker van het National Archives. Het archief schonk enkele van de zaadjes aan Kew Gardens. Daar hadden ze niet veel hoop op enig resultaat maar uiteindelijk zijn ze erin geslaagd om 3 van de 32 plantensoorten weer tot leven te wekken.

Bron: Overleving in National Geographic, juli 2007, p. 20.


27 september 2007

Het New Netherland Project van het New Netherland Institute

Deze keer over archieven in het buitenland. Nederlandstalige archieven wel te verstaan.
We weten nog uit de lessen Vaderlandsche geschiedenis dat de Nederlanders in de Nieuwe Wereld aan de overkant van de Atlantische oceaan al vroeg aan de slag gingen. Het waren de Nederlanders die in het eerste kwart van de 17de eeuw een nederzetting begonnen en wat later het eiland Manhattan kochten van de Indianenstammen die daar toen woonden. Die nederzetting heet nu New York.

Die Nederlandse aanwezigheid, die tot 1674 duurde, toen we na een verloren oorlog min of meer gedwongen werden om deze kolonie te ruilen tegen wat nu Suriname is, heeft natuurlijk archieven achtergelaten die bewaard zijn gebleven. Die archieven bevinden zich nog steeds op Amerikaanse bodem en een groep mensen is er vanaf 1974 mee bezig om deze te ontsluiten, transcriberen en vertalen en zo ter beschikking te stellen voor wetenschappelijk onderzoek. Dat project heet het New Netherlands Project.

De fondsen voor dit project tracht het New Netherlands Institute sinds 1986 bij elkaar te krijgen. Blijkbaar lukt dat goed, want volgens de website is nu zo'n 65% van de documenten toegankelijk voor onderzoek.
Wat dan weer jammer is: op de website zie je niets terug van deze documenten!
Het Institute geeft wel publicaties uit en bevordert het onderzoek in deze bronnen om tot publicaties en lesmethoden e.d. te komen.

Het lijkt me belangrijk dat dit stukje overzees erfgoed ook ter kennis komt van de Nederlanders die geïnteresseerd zijn in dat specifieke deel van onze rijke koloniale geschiedenis.
Of het ook belangrijke informatie bevat over de bewoners, en dus de emigranten vanuit Nederland (voor b.v. genealogen), dat wordt me op de website niet duidelijk.

Je kunt beginnen op de website: New Netherland Project

16 september 2007

Informatie 2007


Op 13 en 14 september was er in de Universiteit van Gent de conferentie Informatie 2007.
Het begon met een wervelende keynotespreker, Peter Hinssen, die op vlotte, humoristische en scherpe wijze de zaal uitlegde wat er allemaal aan de hand is op het internet en dan met name alles omtrent web 2.0. Een kolfje naar mijn hand, een inspirerende rondgang van verleden naar heden en terug. Een beeld van wat ons te wachten staat in de nabije toekomst als al deze ontwikkelingen nog een stapje verder gaan.
Na deze inleiding die inmiddels ook als podcast te horen is op de website van Informatie 2007, waren er nog meer kleine pareltjes. Ik wil er twee noemen.

Eva Simon, docente aan de bibliotheek opleiding in België en actief blogger, sprak over bibliotheek 2.0. Ze liet een mooie opsomming zien van wat er binnen het Vlaamse bibliotheekwezen aan inspanningen zijn op het gebied van web 2.0. Haar kernwoorden waren interactie en participatie. En de voorwaarde om dat een succes te laten zijn is een autoriteitsverschuiving: De huidige specialisten zullen zich open moeten stellen voor de inbreng van derden.
Ze liet de toehoorders ook de ruimte om zich gedachten te vormen en bleef kritisch ten aanzien van web 2.0. Dat is ook iets om in de gaten te houden.
Meer over haar: http://www.commissaresse.be/

Op de tweede dag was er een voordracht over het buitengewoon interessante project Variazione vanuit het Koninklijk Conservatorium Brussel door Veerle van Bouchaute. In dit project is men op zoek naar collaboratief beheer van Europees muzikaal erfgoed met gebruik van de nieuwste webapplicaties. Een manier om muziek te ontsluiten via metadata tagging. Het taggen gebeurt deels automatisch en deels handmatig door de deelnemers. Het is een mix van structuur en autonomie van de gebruikers. Er worden diverse web 2.0 toepassingen gebruikt in dit project zoals een wiki, een forum en het opbouwen van een community. Het gaat dus om de zogenaamde verrijking (enrichment) van de content door experts en gebruikers. Ik hoorde een nieuwe term, namelijk de Content Assurance Manager. Ik ben heel benieuwd of die mix van vrijheid, regels en (expert)controle gaat werken. De databank die zo ontstaat bevat dan uiteindelijk teksten, audio en video. De partners bestaan uit een internationaal gezelschap uit o.a. Spanje, Italië, Litouwen en België. Het is ook de bedoeling dat studenten hun versies van uitvoeringen van werken er aan toe kunnen voegen.
Het lijkt me een heel leuk en interessant project, iets om te volgen van een afstand. Het project loopt af in februari 2009.
Meer over dit project: http://www.variazioniproject.org/c/portal/layout?p_l_id=PUB.1001.1

Meer informatie achteraf over Informatie 2007, waaronder enkele podcasts, op: http://www.vvbad.be/informatie2007

20 juli 2007

Archief 2.0

Sinds juni bestaat er een community op internet die zich bezig wil gaan houden met web 2.0 toepassingen bij Nederlandse en Vlaamse archieven. Het is nog maar een kleine groep deelnemers en de activiteit is dientengevolge nog beperkt, maar het is goed als mensen met dezelfde gedachten zich kunnen vinden op één virtuele plek. Deze community verzamelt o.a. links met relevante onderwerpen, toepasselijke documenten, feeds van diverse website (waaronder dit blog), een kalender met congressen, workshops, studiedagen e.d.
De hoeveelheid informatie die op ons afkomt is ontzagwekkend en doordat verschillende mensen het kaf van het koren scheiden blijft er een gefilterd restant over. Dat is makkelijker te behappen. Alleen daarom al heeft het zin alles centraal te verzamelen.

Iedereen die archieven en hun presentatie op internet een warm hart toedraagt en daar ook een bijdrage aan wil leveren moet zich bij deze community aanmelden. We hebben dan ook vanaf vandaag een badger van de Archief 2.0 community op dit blog!

Zegt het voort!

12 juli 2007

25 websites waar Amerikanen niet zonder kunnen

Time Magazine heeft een lijstje gemaakt van 25 websites waar Amerikanen niet meer zonder kunnen leven. Niemand zal raar opkijken als op dit lijstje namen staan als Google, Yahoo, Delicious, Flickr... Wat mij wel opviel is dat er geen enkel museum, archief of bibliotheek op staat. Ik hoop toch echt niet dat ik hieruit moet concluderen dat archieven, musea en bibliotheken overbodig zijn. Een ding is zeker we (de culturele sector) moeten nog een hele hoop werk verrichten eer wij op het lijstje van 25 onmisbare websites komen. Een uitdaging!
Wie wil weten welke websites wel op het lijstje stonden kan dit nalezen op Time Magazine.
Dank aan yotophoto voor het plaatje.

06 juli 2007

Watwaswaar.nl


Afgelopen dinsdag was er een preview voor de deelnemers aan de Woonomgeving van de nieuwe website www.watwaswaar.nl. De Stichting Archiefprogrammatuur (STAP) is de nieuwe eigenaar van deze website.
In deze nieuwe website, die in het najaar online gaat komen, is getracht om de gebrekkige functionaliteit van de huidige website van www.dewoonomgeving.nl te verbeteren. Wat we te zien kregen was inderdaad een enorme verbetering. Een vaste onderkaart dient als navigatiemiddel over Nederland. Ben je op een plaats gekomen waar je meer over wilt weten dan kun je aan een kleurcodering en/of lijnen zien dat er ook daadwerkelijk meer informatie zichtbaar is. Je kunt dan b.v. over de onderkaart andere plattegronden of luchtfoto's plaatsen. Heel leuk: de transparantie van de bovenliggende laag is traploos terug te brengen waardoor je de onderkaart er doorheen ziet. Dan worden veranderingen zichtbaar tussen de verschilledne kaarten en dus ook de verschillende perioden.

De website is nog maar gedeeltelijk gevuld. Als gebruiker krijg je over een bepaalde plaats ook aanvullende informatie in de rechterkolom in de vorm van plattegronden, minuutplans, documenten, foto's en wat je maar wilt. Als het maar is toegevoegd!

In de loop van de zomer zal de database verder gevuld worden met allerlei informatie. Als rode draad gelden de projecten (of pilots) zoals die ook al in de Woonomgeving aanwezig waren.
De snelheid van de website is indrukwekkend. Slim gebruik van de nieuwste technieken maakt het mogelijk om snel te schakelen tussen de verschillende kaarten en andere informatie.

In een workshop kregen de aanwezigen uitleg over de "achterkant": het beheren van de database. Het is de bedoeling dat de deelnemers de database gaan vullen met informatie (voornamelijk beeld).

In een tweede workshop wilde de projectorganisatie te weten komen wat de deelnemers nog voor ideeën hadden ten aanzien van de functionaliteit en de inhoud. Watwaswaar.nl ziet zichzelf als een etalage van het (beeld)materiaal van erfgoedinstellingen. Door hun landelijke bereik verwachten ze tienduizenden bezoekers die via watwaswaar.nl de weg gaan vinden naar allerlei erfgoedinstellingen die een deel van hun informatie/collectie op watwaswaar delen.

Voor mij ligt daar een valkuil. Als watwaswaar zich zou gaan profileren als de kaartendatabase van Nederland, dan voegen ze wat toe. Maar als allerlei erfgoedinstellingen daar beeldinformatie gaan stallen (wat bovendien geld kost) om bezoekers te lokken naar hun eigen website, dan is de informatie eigenlijk een verdubbeling van wat er al beschikbaar is. Ik kan me niet voorstellen dat een archiefinstelling met een goede beeldbank nog een keer gaat betalen om hoogwaardige beelden op een andere website te plaatsen.
Mijn advies was dan ook om slimme mashup-toepassingen te ontwikkelen waardoor je als watwaswaar onafhankelijk bent van de energie die erfgoedinstellingen in jouw website gaan steken, terwijl je de eigen kwaliteit en content aanmerkelijk kunt uitbreiden.
En nogmaals: concentreer je op kaartmateriaal. Laat de dynamiek van de ontwikkeling van Nederland in de tijd zien door middel van gedigitaliseerde plattegronden en topografische kaarten en maak dat proces zichtbaar via de prima interface die nu ontwikkeld is.

Al met al een leerzame dag en in potentie een verrijking van het digitale erfgoed.